Op de toegangspoort van het Land van Overpoot zie je twee figuren afgebeeld. Zij brengen ons terug naar een bijzonder verhaal uit de Romeinse tijd, over keizer Claudius en zijn vrouw Julia Agrippina.
Claudius en Agrippina waren allebei al eerder getrouwd geweest en hadden kinderen uit die eerdere huwelijken. In het begin van hun huwelijk zorgden ze voor rust in het Romeinse Rijk. Claudius noemde zelfs de stad Keulen naar zijn vrouw: Colonia Claudia Ara Agrippinensium.
Maar Agrippina had grote plannen: zij wilde dat haar zoon Nero de nieuwe keizer zou worden. Claudius had zelf ook een zoon, Brittanicus, die eigenlijk troonopvolger was. Agrippina wist Claudius over te halen om Nero officieel te adopteren. Zo werd Nero de aangewezen opvolger.
Niet lang daarna stierf Claudius — volgens de geschiedschrijvers werd hij door Agrippina vergiftigd. Nero werd keizer toen hij pas 16 jaar oud was. In het begin leek hij een goede leider, maar al snel bleek hij vooral macht voor zichzelf te willen. Niets en niemand mocht hem daarbij in de weg staan. Zo liet hij zijn stiefbroer Brittanicus en zelfs zijn eigen moeder Agrippina uit de weg ruimen. Het verhaal dat hij Rome in brand zou hebben gestoken is waarschijnlijk niet waar. Wel bouwde hij een prachtig paleis voor zichzelf op de vrijgekomen percelen…
De poort naar het Land van Overpoot vertelt zo niet alleen iets over de natuur en oude rechten van boeren, maar ook over spannende — en soms donkere — verhalen uit de tijd van de Romeinen.
Afbeelding: Munten van keizer Claudius en keizerin Agrippina, CNG CC-BY-SA 2.5.


