Vici en grafvelden

Route: Praetorium Agrippinae (Valkenburg)

Klik op een punt om verder te navigeren op de route.

Rond de forten legden Romeinse soldaten allerlei voorzieningen aan voor de bevoorrading, zoals grote horrea voor graanopslag. Hierdoor ontstond langs de rivier veel bedrijvigheid en groeide een burgernederzetting, de vicus. Wie vanuit het castellum oostwaarts liep, kwam eerst langs de nederzetting Marktveld‑Weerdkampen met verschillende boerderijen. Ook op De Woerd ontstond een vicus, waar handelaren, ambachtslieden, winkeliers, prostituees en de families van soldaten woonden en werkten.

In 2024 zijn in de omgeving van de legerkampen opnieuw bijzondere vondsten gedaan, waaronder waterwerken zoals bruggen, dammen, greppels en geulen. In die geulen kwamen ook opvallende objecten tevoorschijn, zoals de schoenzolen van een soldaat die mogelijk in de modder was blijven steken. In een van de geulen werd bovendien het skelet van een volwassen man gevonden, wellicht door het water meegevoerd of het slachtoffer van een misdrijf.

Het wegennet was de ruggengraat van de Romeinse grensverdediging. Via deze wegen verplaatste het leger troepen en materieel. De Limesweg langs de zuidelijke Rijnoever was een van de belangrijkste routes. De Rijn zelf bleef lang de hoofdverbinding tussen de forten, maar later kwamen er ook landwegen bij. Eerst zal een eenvoudig pad de forten hebben verbonden. De vroegst dateerbare houtresten van de eerste echte weg in Nederland stammen uit de jaren tachtig na Christus; jaarringenonderzoek laat zien dat er in 124/125 grote werkzaamheden plaatsvonden. In de vroege derde eeuw werd de weg voor het laatst onderhouden en raakte hij langzaam in onbruik.

De Romeinen waren meesters in wegenbouw, zelfs in lastige omstandigheden. In Valkenburg moest de weg als een verhoogde dijkweg worden aangelegd vanwege het natte, door rivier en zee beïnvloede landschap. Op De Woerd liep hij over een met houten beschoeiingen verstevigd dijkje met aan beide kanten een goot. De weg zelf was vier tot zes meter breed, bedekt met grind en schelpen, en opgebouwd uit twee rijen verticaal geplaatste palen, deels van lokaal eikenhout. Bij opgravingen in 2018 zijn honderden van deze palen teruggevonden; ze zijn nu te zien in diverse musea langs de Zuid-Hollandse Limes, waaronder het Torenmuseum.

Castra (legioenskamp)

In 2020 deden archeologen een wel heel bijzondere vondst in Valkenburg: nóg een legerkamp. Dit legioenskamp (castra), ten zuidoosten van het castellum gelegen, was nog veel groter dan het castellum en bood onderdak aan een legioen tot wel 6000 soldaten. De spitsgracht rondom het fort was wel 400 meter lang! Mogelijk waren het deze legionairs die de oversteek naar Britannia onder keizer Caligula hebben voorbereid, en onder keizer Claudius (41-54) misschien zelfs wel hebben gemaakt.

← Terug naar Praetorium Agrippinae (Valkenburg)