In Ockenburgh (Den Haag) werd twee keer archeologisch onderzoek gedaan naar een Romeinse nederzetting met een klein fort: in de jaren dertig en opnieuw in de jaren negentig. In de jaren dertig leidde J.H. Holwerda, toenmalig directeur van het Rijksmuseum van Oudheden, de eerste opgravingen. Hij hoopte op spectaculaire vondsten, maar concludeerde uiteindelijk dat er slechts een eenvoudige Bataafse nederzetting had gelegen.
Pas midden jaren negentig werd het gebied opnieuw onderzocht. Tussen 1993 en 1996 groeven archeologen van de gemeente Den Haag opnieuw op dezelfde plek, ditmaal met veel meer kennis over de Romeinse tijd. Al snel bleek dat Holwerda’s interpretatie niet klopte. De onderzoekers vonden geen boerendorp, maar de resten van een klein fort met een bijbehorend dorp waarvan de bewoners niet uit de regio kwamen.